zaterdag 7 april 2012

Goce Smilevski - De zus van Freud

Oorspronkelijke titel Sestrata na Zigmund Frojd
Uit het Macedonisch vertaald door Roel Schuyt
Uitgeverij Anthos

Al vrij snel lees je in De zus van Freud het trieste levenseinde van Adolphine Freud. Zij wordt op 29 juni 1942 samen met haar zussen Pauline, Rosa en Maria op transport gezet naar Theresienstadt en later omgebracht in de gaskamers van één van de vernietigingskampen van de nazi's. Het was misschien anders gelopen als haar broer, Sigmund Freud (1856 - 1939) de grondlegger van de psychoanalyse, hen in 1938 op de lijst gezet had voor een visumaanvraag waarmee ze Wenen hadden kunnen verlaten. Freud had geen moment aan zijn zusters gedacht toen hij voor zijn vertrek naar Groot Brittannië een lijst mocht opstellen met namen van personen die hem dierbaar waren. Freud zelf ging alleen maar omdat een aantal buitenlandse collega's er op aandrongen én om zich opnieuw te laten behandelen tegen een al vergevorderd carcinoom in zijn mond. Op de lijst van dierbaren stonden naast zijn vrouw en kinderen met hun gezinnen wel de namen van zijn schoonzus, twee bedienden, zijn huisarts en diens gezin en zijn hondje. Hij vond het niet nodig dat zijn zussen vanwege de toenemende antisemitische dreigingen ook het land zouden verlaten, overtuigd als hij was dat de 'waanzin' van Hitler snel voorbij zou zijn, althans zo herinnert Adolphine het zich.

In het kamp raakt Adolphine bevriend met Ottla, de zus van Franz Kafka. Het is niet de enige 'zus van' in deze roman zijn, eerder in haar leven ontmoette Adolphine een zus van de schilder Gustav Klimt, die net als Adolphine een moeilijke relatie met haar moeder had.  
Aan het begin van mijn leven waren er liefde en pijn. (...) Mijn hele leven gingen ze met elkaar samen, liefde en pijn; de ergste pijn deed mij de haat van mijn moeder, en tegelijkertijd hield niemand zoveel van mij als zij. Niemand, zelfs niet mijn broer Sigmund. 
Als kind was Adolphine vaak ziek en angstig. Haar moeder reageerde beurtelings bezorgd en kwetsend op haar gedrag. Adolphine zag zo tegen haar eerste schooldag op dat ze haar ouders smeekte om thuis te mogen blijven. Dat lukte, waarna Sigmund degene werd die haar onderwees uit zijn schoolboeken. Via hem kwam ze in contact met de schilderkunst en haar eerste en enige liefde Reinier, die als kind al aan depressieve buien leed. Adolphine bleef als enige van het gezin Freud ongehuwd en dat versterkte haar moeder in de overtuiging dat ze maar beter nooit geboren had kunnen worden. Na de zoveelste kwetsende opmerking besluit Adolphine zich vrijwillig te melden in Het Nest, het Weense krankzinnigengesticht waar ze intrekt bij haar vriendin Clara Klimt. Voor Clara, 'gek' werd was ze een fanatiek voorvechtster voor vrouwenrechten en de eerste vrouw die met een broek aan in het openbare leven van Wenen verscheen. Samen verblijven ze er zeven jaar en hun beschrijvingen geven een kijkje in wereld van de geesteszieken en de orthodoxe behandelmethode van hun geneesheer-directeur. Na Adolphines vertrek uit het gesticht neemt ze opnieuw haar intrek in het ouderlijk huis, waar ze na het overlijden van haar moeder zal blijven wonen tot de dag waarop zij voor de laatste keer de bloedvlek naast haar bed kust, en daartoe gedwongen, samen met haar drie zussen Wenen voorgoed verlaat.
Adolphine, Maria, Rosa en Pauline Freud

Dromen en herinneringen spelen in De zus van Freud door elkaar. Of de jonge Sigmund met een appel haar wang beroerde weet Adolphine aan het eind van haar leven niet meer zo precies. Wel herinnert ze zich een droom waarin ze hem - hoe Freudiaans - de borst geeft en een droom waarin hij vergeving vraagt voor wat hij nagelaten had te doen toen hij een lijst mocht samenstellen met personen die hem dierbaar waren.

Maar het zijn niet alleen dromen en herinneringen die door elkaar lopen, hetzelfde geldt ook voor feiten en fictie. Het is een onmiskenbaar feit dat Adolphine in een concentratiekamp om het leven is gekomen, ze stierf echter niet samen met haar zussen in de gaskamer, maar op 5 februari 1943 aan de gevolgen van ondervoeding. Haar zussen werden op 23 september 1942 in de gaskamers van Treblinka omgebracht. Voor het overige is er maar heel weinig bekend over Freuds zusters. Het is dus maar zeer de vraag in hoeverre het verhaal in De zus van Freud met de werkelijkheid klopt. Ik zou het wel prettig gevonden hebben als dat aan het eind van het boek in een 'verantwoording' wat duidelijker geworden was. Ondanks dat schetst Goce Smilevski een mooi vrouwenportret tegen de achtergrond van het Wenen aan het eind van de negentiende en het begin van de twintigste eeuw. Met name de positie van vrouwen en de onderdrukking van de joden nemen in deze roman een belangrijke plaats in. En met de keuze voor één van Sigmund Freud zusters heeft hij ook de mogelijkheid een deel van (het ontstaan) van diens gedachtegoed onder de aandacht te brengen. Ik ben benieuwd of het eerder verschenen Conversations with Spinoza nog in het Nederlands vertaald zal worden. Na het lezen van De zus van Freud zou me dat niet verbazen.

Ik kreeg een recensie-exemplaar van de uitgever